Hallo, mijn naam is Leen Liefsoens, afkomstig uit het Belgische Hasselt maar sinds 2004 werkzaam en sinds 2007 woonachtig in Nederland. De liefde is de oorzaak van mijn emigratie.
Ik werk, leer en speel graag in de online wereld. Wil je meer over me te weten komen, bezoek me dan in mijn verschillende huiskamers:
…in Steenwijk, vrijdag 22 maart 2013. En wij waren er bij! Het was een heerlijk weerzien met de zangeres waar ik al ruim 20 jaar fan van ben en waarbij het bijna 4 jaar geleden was dat ik nog naar een concert van haar was geweest. Ter vergelijking: vroeger ging ik wel 5 keer per jaar. Je kunt je dan ook wel voorstellen dat ik erg uitkeek naar dit concert.
Veel bekende nummers passeerden de revue waaronder de klassiekers ‘Westenwind’ – altijd een hit in Nederland dus een deel van de zaal ging uit zijn dak, ‘De oude man en de zee’ – Dana kondigde het lied in prima Zuid-Afrikaans aan, en ‘Ik hou van jou’ – met altijd perfect uitgevoerde hoge noot!
Daarnaast bracht Dana een groot aantal mooie covers ten gehore: ‘Fields of Gold’ van Sting, ‘When You Say Nothing At All’ van Ronan Keating, ‘The Lucky One’ van Alison Krauss, ‘Crying’ van Roy Orbison en ‘Somewhere over the Rainbow’ van Judy Garland.
En ik werd verrast door het wondermooie ‘Find My Love’. De aanstekelijke melodie herkende ik meteen, maar ik moest toch even in mijn cd-kast duiken en een zoekactie op internet uitvoeren om er achter te komen dat het om het Engelstalige origineel gaat van het Nederlandstalige ‘Waar ben jij’, een liedje dat Dana op haar allereerste album ‘Regenbogen’ in 1993 uitbracht.
Het viel op dat Dana zich weer heeft omringt met musici van topklasse: op gitaar Marty Townsand – een Belg van Amerikaanse origine die nadat hij in Amerika al een uitgebreide ervaring als muzikant had opgebouwd zijn naam ook aan heel wat Belgische artiesten heeft gelinkt, op piano de Nederlander Karel Boehlee – die bekend is van jaren over de wereld touren met Toots Thielemans, en op percussie Eddy Conard – een Nederlander van Amerikaanse origine die op albums van vele Nederlandse en buitenlandse artiesten waaronder Kane en Eros Ramozzotti te horen is. Hij is nu Dana’s music director en heeft ondertussen 2 nummers voor haar geschreven: de speciaal voor deze tour uitgebrachte single ‘Niemand kan’ en het ritmische ‘Ladidadida’.
Dat Dana zich thuis voelde tussen deze mannen was duidelijk. Bij gevoelige liedjes schoof ze aan bij Marty Townsand, die niet alleen prachtig kan gitaar spelen maar ook als zanger prima uit de voeten kan, en bij up tempo liedjes werkte de energie van Eddy C immens aanstekelijk! Zo aanstekelijk dat Dana zich regelmatig liet verleiden tot humoristische breaks, al viel die opmerking over koeien niet bij iedereen in goede aarde, Dana’s latere excuses waren dan ook hoogst waarschijnlijk een niet helemaal overbodige pauzesnack.
Met 4 muzikanten – de hier genoemden, aangevuld met een basgitarist – werd het een semi-akoestisch concert waardoor mijn persoonlijke favorieten als ‘Stil de storm’, ‘Ik mis je adem’ en ‘Kijk om je heen’ in een nieuw jasje werden uitgevoerd. Een jasje dat volgens mij heel goed past. Ik heb genoten van dit heerlijk avondje uit! En weet maar zeker dat ik niet weer 4 jaar ga wachten…!
De liedjes waar ik in dit verslagje naar refereer kun je allemaal terughoren via Omroep Max dat het concert in 2 delen heeft uitgezonden:
Mijn foto’s van het concert kun je allemaal bekijken via Google+.
Bij IDM Den Haag heb ik nu al twee keer het vak gebruikersinstructie mogen geven. Het is een intensief vak voor de studenten omdat ze zelf aan de slag moeten met het maken van een gebruikersinstructie. Dit leer je immers het best door het gewoon te doen. Natuurlijk is er ook wat theorie. Zoals hoe je een gebruikersinstructie voorbereidt: analyse van de doelgroep en het bepalen van het kennen (cognities), kunnen (psychomotorische vaardigheden) en zijn (attitudes) van de doelgroep. Met de syllabus die deze theorie bevat, ontwikkeld door mijn voorganger, ging ik aan de slag. Maar ik ben ook zelf in de literatuur gedoken. Als eerste kwam ik het boek ‘Reflective Teaching, Effective Learning: Instructional Literacy for Library Educators‘ van Char Booth tegen. Zij wijdt een heel hoofdstuk aan het op een aantrekkelijke manier ontwerpen van je gebruikersinstructies (Hoofdstuk 11, p. 125-137).
Deze Powerpoint instructie geeft informatie over het zoeken naar literatuur met behulp van Google, GoogleScholar, Picarta en de databank Ebsco-host. Daarnaast bevat de instructie extra informatie over de stapsgewijze aanpak van literatuuronderzoek.
Met je boodschap maak je reclame voor je gebruikersinstructie. Je zorgt ervoor dat je de verwachtingen van je doelgroep stuurt om zo hun aandacht en motivatie te managen. De gouden regel is eenvoud! Het kan gaan om: een gebruikersgerichte samenvatting van je instructie, een ‘elevator pitch’ voor een potentiële workshop deelnemer of bijvoorbeeld een 140 karakter tellende tweet met het onderwerp van je webinar. Vertel niet alleen wat de gebruiker gaat leren (het einddoel), maar interesseer hun ook om dat einddoel te bereiken.
Een fundamenteel aspect van het ontwerpen van gebruikersinstructies is het testen en herzien ervan voordat je hem uitreikt. Bij het prototyping proces onderscheiden we vier fasen:
Visuele geletterdheid is het vermogen om afbeeldingen te begrijpen en te gebruiken, inclusief het vermogen om na te denken, te leren en jezelf in termen van beelden uit te drukken.
Zeven strategieën die deel uitmaken van een efficiënter gebruik van de cognitieve verwerkingscapaciteit in educatieve interfaces, materialen en afbeeldingen:
Eenvoud is bij het ontwerpen van je gebruikersinstructie de leidende strategie! Hoe helderder, duidelijker en ‘to the point’ je instructie is, hoe beter. Werk via Principes, Acties en Tools.
Principes
Principes zijn cognitieve functies.
Acties
Acties zijn structurele design elementen.
Tools
Tools zijn elementaire esthetische bouwstenen.
Op effectiviteit:
Op doeltreffendheid:
Op aantrekkelijkheid:
Schep de voorwaarden tot duurzaam leren:
Communiceer in een pitch de inhoud zo dat je gebruikers zich er mee kunnen identificeren en ze het zinvol vinden. Geef daarbij aan welke rol jij speelt als instructeur in hun leer- en onderzoeksproces.
Char Booth is Instruction Services Manager & E-Learning Librarian aan de Claremont Colleges Library. Ze blogt op info-mational over de integratie van onderwijs, technologie en ontwerp in bibliotheek services. Haar blog draagt de pakkende ondertitel: ‘on technology, media literacy, and librarians who t-c-b (take care of business)’.
In navolging van de rubriek Tablet Apps verzorg ik samen met mederedactielid Alice Doek de rubriek Lifehacking in de InformatieProfessional. De eerste aflevering is afgelopen maand verschenen en bevat 2 hacks voor timemanagement: de handige taakplanner Remember the Milk en de online agenda van Google.
Nog wat extra tips:
Remember The Milk
Google Agenda
Voor de volgende aflevering staan 2 tools voor het voorkomen van vermoeide ogen op het programma. Hou je brievenbus in de gaten op 28 februari!
Feedback en tips zijn natuurlijk van harte welkom via dit blog of informatieprofessional.nl.
Afgelopen vrijdag vond InfoCamp NL 2013 plaats. Als vervolg op LibraryCamp NL 2012 telde het heel wat minder deelnemers dan zijn voorganger. Van de 40 aanmeldingen, meldde bijna de helft zich weer af voor aanvang, zelfs nog op de ochtend zelf. Dat gaf de studenten die het organiseerde en hun begeleiders een onaangenaam gevoel. Maar al bij de voorstelronde was het duidelijk, degene die er waren die zetten hun beste beentje voor. Een mix van informatiespecialisten met verschillende achtergronden: OB’s, universiteiten/hogescholen, commerciële en andere instellingen. Ook een paar werkzoekende informatiespecialisten en natuurlijk een aantal studenten van De Haagse Hogeschool (waaronder IDM Den Haag) waren aanwezig.
Tijdens het voorstelrondje werden de onderwerpen waar de interesse naar uit ging geïnventariseerd. Uiteindelijk maakten de organisatoren er volgend programma van:
Programma van vandaag #infocampnl13 http://t.co/qANRlSiH—
Eric-Jan Dol (@DappereBas) February 08, 2013
Hieronder een verslagje van de programma-onderdelen die ik gevolgd heb.
Van de UB Utrecht mag de catalogus wel opgeheven worden. De bibliotheek heeft er voor gekozen zich te richten op delivery en niet op discovery. In volgende prezi wordt deze keuze onderbouwd:
De catalogus wordt ook alleen maar gebruikt om naar de boeken op de plank te zoeken. En dat is maar een klein onderdeel van de bibliotheekcollectie. De digitale collectie wordt ontsloten via de zoekmachine Omega die ruim 10 jaar geleden in gebruik werd genomen bij de UB Utrecht, maar die ondertussen (te) veel ruis bevat. Dus gaan er nu een aantal werkgroepjes aan de slag bij de UB onder de grote noemer ‘zoeken en vinden’ om te kijken hoe ze de gebruiker bij de bibliotheekcontent krijgen en waarbij ze zowel kijken naar het discovery/delivery gebeuren, maar ook naar ‘het verhaal’: hoe maak je het de gebruikers duidelijk (promotie).
3 van de 4 deelnemers aan deze sessie kwamen uit de onderwijswereld, de vierde deelnemer uit de OB. Hoe zit het daar? Nou, van de catalogus wordt natuurlijk goed gebruik gemaakt als dé ingang voor de collectie die vooral fysiek is. Geen digitaal materiaal dan daar? Wel wat e-books, maar het aanbod daarin is nog heel summier. Al wordt de vraag van de gebruiker ernaar wel groter.
En zo verplaatste de discussie zich naar het toegankelijk maken van e-books. Hierbij zie je toch dat de uitgevers de oude situatie hebben gekopieerd: een e-book wordt ook ‘uitgeleend’ en als je het maximaal aantal leners (waarvoor je een licentie hebt) hebt bereikt is het hele boek even niet toegankelijk voor andere gebruikers. Terwijl we toch zien dat, vooral bij non-fictie, de gebruiker meestal maar 1 of een paar hoofdstukken nodig heeft. We kwamen er al snel uit dat boeken opgedeeld moeten worden. Kijk maar naar de muziekwereld: tegenwoordig werken we met playlists en het downloaden van nummers in plaats van een heel album. Of wat zou het toch heerlijk zijn om ‘The Lord of the Rings’ opnieuw uit te brengen als e-book. Niet gewoon het fysieke boek in epub formaat, maar lekker helemaal opnieuw herschikken – appendices bij de annex hoofdstukken en de tekst aangevuld met de tekeningen van al die verschillende LOTR tekenaars en als kers op de taart de bijbehorende fragmenten uit de films. Maar toen kwam er hevig verzet van die ene OB’er: dan ga je toch wel echt heel hard schaven aan het oorspronkelijk werk van auteurs. Zij hebben namelijk – vooral bij fictie – een geheel voor ogen. Een boek gaat niet alleen om de hoofdstukken, maar om het geheel: de auteur heeft bewust gekozen om dingen in een bepaalde volgorde te plaatsen. Haal je dingen dan niet teveel uit hun context. Oké, mee eens. Vast staat dat we de gebruiker meer keuzevrijheid moeten bieden: zij bepalen hoe en welke content ze tot zich willen nemen. Uitgevers, maar zeker ook auteurs, houden vast aan oude manieren. Maar hoe lang gaan ze dat vol houden? Als de bibliotheek geen e-books kunnen leveren die gebruikers willen, komen ze er wel op andere manier – gratis – aan. Zijn we dan niet tegen de bierkaai aan’t vechten met onze brave ‘let op de auteursrechten’ instelling? Moeten we als bibliotheek niet zelf de links naar de torrents gaan aanbieden aan onze gebruikers? Of gaan we dan toch te ver? Maar soms slaan we ook door naar de andere kant (en ja ook hier zit de leverancier en niet de bibliotheek er achter):
Horen dat iemand die zich afvraagt waarom ze geen luisterboeken meer kan lenen hoort dat ze die wel kan aanvragen als ze blind zou zijn,—
Edwin Mijnsbergen (@emijnsbergen) February 07, 2013
PS: Op het blog I&M / I&O 2.0 van de UB Utrecht staan acht cataloguswensen voor de periode dat ze toch nog een eigen catalogus hebben.
Zoals aangekondigd, had ik zelf het onderwerp van mijn masterscriptie ingebracht.
PIM: de dagelijkse praktijk van activiteiten die worden uitgevoerd om informatie te vinden, te verwerven, te creëren, op te slaan, te ordenen, te beheren, te gebruiken en te verspreiden.
Na even kort de conclusies van mijn onderzoek naar studenten en hun PIM samengevat te hebben, gingen we in op een aantal PIM aspecten.
Je hebt veel varianten van online leren. De voorbeelden die tijdens de sessie voorbij kwamen:
Mensen leren van elkaar en dat aspect dreigt weg te vallen bij online leren. Dit wordt als één van de factoren gezien waardoor mensen afhaken bij MOOCs, een opkomend fenomeen in onderwijsland. Daarom moeten ontwikkelaars dit interactieaspect toch inbouwen. Dat kan door voor een blended learning variant te kiezen (combinatie online leren en colleges) of door interactie in te bouwen in het online leren via bijvoorbeeld ‘comment facilities’. Dit laatste moet wel organisch tot stand komen en contact met elkaar moet gestimuleerd worden. Het aan de deelnemers van online leerprogramma’s over laten is kansloos, er zal iemand nodig blijven die interactie aanzwengelt. Tijdens een instructie f2f kan je ook beter nagaan of studenten de stof echt begrepen hebben. Je kan vragen of de student het snapt. Geeft hij het antwoord ja om er van af te zijn, dan kan je vragen of hij het even uitlegt aan zijn buurman. Lakse studenten vallen dan direct door de mand. Opdrachten en online toetsmomenten kunnen dit wel bij online leren opvangen. Het stellen van vragen is f2f ook het makkelijkst omdat je direct kan inspringen op wat de docent vertelt. Software waarmee op afstand onderwijs kan worden gegeven hebben meestal mogelijkheden om vragen te stellen: via chat, of zelfs door het virtueel opsteken van een handje. Maar meestal is de docent alweer verder in zijn verhaal voor de vraag is gesteld of moet hij zoveel dingen in de gaten houden dat hij het virtuele handje niet opmerkt. Het online nabootsen van een traditionele klassituatie werkt gewoon niet.
Een paar praktische tips kwamen ook voorbij. Het actueel houden van een online training is tijdrovend. Zo kan het zijn dat tekst makkelijker is aan te passen dan print screens in de software waarmee je werkt. Hou daar rekening mee bij het ontwikkelen van je online training. Ook instructiefilmpjes zijn vlug verouderd. Die hebben trouwens voor- en nadelen. Ze zijn handig voor het herhalen van stof, maar aan de andere kant biedt je de stof op een eenzijdige manier aan. Je houdt dus geen rekening met verschillende leerstijlen van studenten.
De discussie ging toen over op de meer onderwijskundige aspecten van (online) leren. Speel in op de intrinsieke motivatie van studenten: zorg dat ze passie hebben voor het onderwerp (dit kan je verwerken in de opdrachten) en dat online (bibliotheek)instructies geen los onderdeel zijn in het curriculum maar dat ze aansluiten bij vaste studieonderdelen. Ook het leren van kritisch denken moet gestimuleerd worden. Dit is sowieso moeilijk om aan te leren, zeker via online leren. En bij het leren zoeken naar kwaliteitsvolle informatie is niet alleen betrouwbaarheid belangrijk (promoten van databanken/catalogi waarbij de informatie geselecteerd en beoordeeld is) maar ook relevantie (ook in betrouwbare bronnen kun je de bal wat dat betreft totaal mis slaan).
Neen, de sessies zijn niet uitgelopen op echte strijd tussen de deelnemers. InfoCamp NL 2013 was een dag van interessante conversaties over relevante thema’s waarbij interactie wel veel meer de bovenhand voerde dan bij ‘gewone’ congressen. Wat dat betreft ben ik weg van het unconference principe en mag het van mij meer geïntegreerd worden in andere congressen. Het woordje battle in mijn blogtitel slaat dan ook meer op de plek waar de sessies werden gehouden: namelijk in onder andere de schaak en sumo zalen van Ayers Rock Zoetermeer. Een inspirerende omgeving voor een uncoference.
Al in 1983 deed Thomas W. Malone (hoogleraar management aan de MIT Sloan School of Management en de oprichter van het MIT Center for Collective Intelligence) onderzoek naar hoe wetenschappers hun bureau organiseren. Hij kwam met de volgende twee conclusies:
Kortom: het is belangrijk dat je eraan wordt herinnerd dat je nog wat moet doen en een fysieke stapeling die je hebt toegepast kan nuttig zijn bij het terugvinden van informatie. Hoe rommeliger je bureau, hoe minder deze twee dingen worden ondersteund.
In 1995 schrijft Jeffery J. Mayer in zijn boek Time Management for Dummies dat de meeste mensen bijna een uur per dag verspillen aan het zoeken naar papieren die verloren zijn gegaan op hun bureau. Maar een rommelig bureau zorgt niet alleen voor tijdverlies, maar ook voor stress en je wordt er zelfs ziek van.
Een studie in 2004 onder Britse kantoorwerkers leert dat wanordelijk opgestapeld papier aan de oorzaak ligt van het Irritable desk syndrome (IDS), een nieuwe kantoorziekte. De onderzoekers raden aan om je te houden aan een ‘Deskology’ gids:
Wat zijn de onderliggende oorzaken van IDS of MDS (Messy desk syndrome)? De ene persoon is beter in het organiseren van informatie dan de ander. Mensen die bezig zijn met procedurele taken hebben de neiging om een vaste informatiestroom te hanteren. Toch zijn er duidelijke verschillen tussen het moment waarop een document nodig is en wanneer niet. Anderen zijn genoodzaakt om meerdere projecten tegelijkertijd te beheren, waarbij ze verschillende bronnen bij de hand moeten hebben. Sommigen slaan documenten op een vaste en voor de hand liggende plek op zodat ze eraan herinnerd worden dat ze er op een later moment iets mee moeten doen. Zelfs wanneer deze documenten daarna kunnen worden gedeponeerd, is het moeilijk om te weten hoe je ze moet categoriseren zodat ze kunnen worden teruggevonden. Soms lijkt het beter om documenten maar gewoon te laten waar je ze in eerste instantie hebt opgeslagen, want er is altijd de kans dat de documenten verloren geraken omdat ze verdwijnen in de hoeken van de archiefkast. En in tegenstelling tot wat sommige denken, biedt een computer hiervoor geen oplossing. Het bureaublad op een pc kan even rommelig zijn als het blad van je fysiek bureau. Daar komt nog eens bij dat we via de computer toegang krijgen tot het web met zijn ontelbare plekken waar we informatie kunnen opslaan of publiceren. Dit soort problemen kan echter worden aangepakt door het toepassen van Personal Information Management (PIM).
Naar aanleiding van mijn masterscriptie over dit onderwerp, waarover jullie al hebben kunnen lezen in mijn vorige blogposts hierover, heb ik in het eerste nummer van de InformatieProfessional van dit jaar een artikel geschreven waarin ik inga op het begrip PIM en bijbehorende strategieën en tools:
Vorig jaar werd LibraryCampNL – naar het succesvolle Britse voorbeeld LibraryCampUK – voor het eerst gehouden. Het werd een succes. Een tijdje later kwam Eric-Jan Dol met het idee om deze uncoference nog een keertje te organiseren, maar dan in samenwerking met een IDM opleiding, want hij had de groep van toekomstige informatieprofessionals gemist op LibraryCamp. Peter Becker van IDM Den Haag was, samen met mij, direct enthousiast. Peter organiseert de minor Werken 2.0. Deze minor is zeer populair binnen de Haagse en tijdens één van de vorige editie kwam daar het boek ‘Het nieuwe werken volgens generatie Y‘ waarover ik een aantal gastblogs heb geschreven op 2beJAMmed.org. Het leek Peter een prima plan om het organiseren van de uncoference als opdracht toe te voegen aan de volgende editie van de minor.
En het is zover. Een groep van 5 minor studenten hebben onder toezicht van Peter en Eric-Jan de uncoference omgedoopt tot InfoCampNL.
Meedoen is gratis – inclusief koffie/thee, lunch en borrel gesponsord door EBSCO – en het programma gegarandeerd interessant – die bepalen de deelnemers immers zelf. Ik heb me al aangemeld en mijn scriptie-onderwerp Personal Informatie Management als programma-onderdeel opgegeven. Er is al enige buzz op Twitter over InfoCamp. En sommige van jullie twijfelen over de organisatie: ‘te onduidelijk allemaal‘. Inderdaad kunnen de studenten nog wat meer leren van de vorige editie: zoals het al op voorhand inzichtelijk maken van deelnemers en de thema’s die bij het aanmelden worden opgegeven of het beter vindbaar maken van de site via Google. Toch hoop ik dat er een goede mix van studenten en mensen in het vak aanwezig zullen zijn! Zie ik jou in Zoetermeer op 8 februari?
PS: mijn reisschema.
Je kon het natuurlijk al lezen op twitter en in de InformatieProfessional zelf… maar ik ben dus aan een nieuwe uitdaging begonnen als lid van de (na een paar maanden gefunctioneerd te hebben als aspirant lid en 2 redactievergaderingen mee gemaakt te hebben kan ik dit al wel zeggen) bekwame en hartelijke redactie van ons landelijk vakblad:
Op 8 en 9 november vierde De Haagse Hogeschool haar 25-jarig bestaan met Think. Tijdens dat kennisfestival konden medewerkers en gasten deelnemen aan lezingen, masterclasses en workshops over allerlei onderwerpen. Op beide dagen was er ruimte voor entertainment in de vorm van ballet, cabaret en muziek. En de H/Olive Award (beste docent van het jaar) werd uitgereikt.
Vanuit de bibliotheek werden er op de 2 dagen 2 masterclasses verzorgd:
Wat is nieuw in de (digitale) bibliotheek… waarbij we onze twee nieuwe zoeksystemen demonstreerden: simultaan zoeken in databanken en Find it @ H/Library.
Copyright en plagiaat: wat mag wel! waarin ik zelf de deelnemers meenam in de wereld van het auteursrecht binnen het onderwijs.
Copyright (auteursrecht) is een van de bekendste intellectuele eigendomsrechten. Zowel jij – als docent – als jouw studenten, hebben dagelijks te maken met auteursrechtelijk beschermde werken: boeken, artikelen, presentaties, afbeeldingen, video’s, enzovoort. Plagiaat is het ongeoorloofd gebruik van auteursrechtelijk beschermde werken. In deze workshop leggen we uit hoe je geoorloofd gebruik maakt van auteursrechtelijk beschermde werken door middel van tips, tools en vuistregels. Kortom: wat mag wel!
En wat zijn de instrumenten om hergebruik van informatie te verantwoorden.
De deelnemers reageerden enthousiast op tips, tools en vuistregels de ik hun bood voor het gebruik van auteursrechtelijk beschermde werken, maar discussieerden ook verwoed mee over de onmogelijkheden. Hieronder een reactie die ik via mail mocht ontvangen van één van de deelnemers:
Gedurende de lezing die mevrouw Liefsoens tijdens het festival gaf, loodste ze ons door deze onderwerpen heen door ons enerzijds de ingangen aan te geven naar bruikbare informatie over dit onderwerp, ook naar kopieerbare info en beeld- en geluidsbronnen en anderzijds piketpalen te slaan met gevarendriehoeken erop om de valkuilen aan te geven.
Piketpalen met gevarendriehoeken… een treffende beschrijving, die moet ik erin houden! Bedankt!
Omdat ik zelf aan de slag moest heb ik minder van de rest van het festival meegekregen dan ik wilde. Zo heb ik de twee keynote sprekers, Socioloog Frank Furedi en Sterrenkundige Vincent Icke gemist (hun lezingen zijn wel terug te zien op de festivalsite) en één van mijn lievelingsauteurs.
[tweet https://twitter.com/LeenLief/status/271613437812019200%5D
Maar ik heb wel een leuke lezing gevolgd rond het fenomeen ideeën aan de hand van sprekers van TED.com.
[tweet https://twitter.com/LeenLief/status/266491606809600002%5D
En genoten van de prachtige show ‘Romeo en Julia‘ van het Scapino Ballet Rotterdam:
En natuurlijk leuk dat het verjaardagsfeest van de HHs samenviel met mijn eigen verjaardag :)!
[tweet https://twitter.com/LeenLief/status/266953849087090689%5D
In mijn scriptie ‘Studenten en hun Personal Information Management’ ben ik naast het eigenlijke onderzoek natuurlijk ook dieper ingegaan op het begrip Personal Information Management (PIM) waarbij ik heb gekeken naar de literatuur en een aantal kernbegrippen.
De complexiteit van PIM heeft deels te maken met de complexiteit van informatie. Het kan gaan om het managen van informatie in ons eigen geheugen als ook het managen van externe informatie. Daarbij heeft PIM betrekking op de persoonlijke dimensie van het managen van informatie. PIM is in dit licht gerelateerd aan andere begrippen die betrekking hebben op het zowel persoonlijk als collaboratief managen van informatie in al zijn facetten. Begrippen als Information Management, Document Management, Knowledge Management en Information Retrieval. Ik wil in deze blogpost uitweiden over (Personal) Knowledge Management.
Kennismanagement is het proces van het identificeren en het gebruik van collectieve kennis in een organisatie om zo het concurrentievermogen van de organisatie te verbeteren. (Alavi & Leidner, 2001) Het gaat hier dus om kennis binnen een organisatie. Bij Personal Knowledge Management (PKM) wordt dit teruggebracht naar het individuele niveau. Het verschil met PIM ligt in het verschil tussen informatie en kennis. PKM is een conceptueel kader voor het organiseren en integreren van informatie waarvan we als individu denken dat het relevant is. (Liu, 2011) De informatie gaat zo deel uitmaken van onze persoonlijke kennis. PKM biedt een strategie voor het transformeren van wat eerst willekeurige stukjes informatie zijn tot iets dat we systematisch kunnen toepassen en dat onze persoonlijke kennis uitbreidt. En juist hierin zit het belang van PKM voor studenten. (Garner, 2010) Zij moeten zich bewust bezig houden met het bewaren, beheren en organiseren van hun persoonlijke informatie en expliciete kennis. PKM activiteiten sluiten dus aan bij PIM activiteiten met het enige verschil dat PKM een meer conceptueel begrip is dat ingebed kan worden in leertheorieën en onderwijskaders.
William Jones, de auteur van het boek Keeping Found Things Found, geeft de volgende uitleg over de verwantschap tussen PKM en PIM: een belangrijke uitdaging van PKM is het expliciteren van kennis van een persoon en om kennis te expliciteren wordt het meestal opgeschreven. Opgeschreven kennis is informatie en moet worden beheerd zoals alle informatie. Hij legt deze verwantschap aan de hand van definities verder uit in het hoofdstuk No Knowledge but through Information (van het boek Personal Knowledge Management – Individual, Organizational and Social Perspectives – Editors: David J. Pauleen & G.E. Gorman).
De volgende drie zaken worden beargumenteerd in dat hoofdstuk:
PKM is een verfijnde vorm van carrière en levensmanagement dat je kan helpen in het overleven in turbulente, complexe en veranderende organisatorische en sociale omgevingen. Het is daarmee een begrip dat samenhangt met levenslang leren, communicatie en interpersoonlijke vaardigheden, gebruik van technologie en het voorspellen en anticiperen op zaken. Onderdeel van cruciale levenservaringen dus.
Afgelopen donderdag kregen we een interne basistraining Google Analytics, verzorgd door Modation. Google Analytics is een gratis dienst van Google om statistieken van een website te verzamelen en gedetailleerd weer te geven. Google Analytics draait op onze bibliotheeksite. Modation heeft een prima training op maat gegeven, waarbij ze in onze eigen statistieken zijn gedoken. Volgende tips sprongen er voor mij uit:
Van overzicht naar detail
Gebruik eerst de overzichtspagina’s van Google Analytics om je statistieken te analyseren voordat je naar de detailpagina’s gaat om de oorzaken te vinden van de dingen die je zijn opgevallen.
Google Analytics heeft een keur aan mogelijkheden, maar soms is het beter om het zo eenvoudig mogelijk te houden. Zo heeft Google Analytics een aparte pagina voor sociale verkeersbronnen, maar je kunt de statistieken van social media ook prima inzien via de pagina Bronnen onder Verkeersbronnen.
Bekijk de statistieken van Google Analytics niet absoluut maar relatief en vergelijk statistieken onderling. Het percentage unieke bezoekers (Doelgroep > Overzicht) kan bijvoorbeeld afwijken (een bezoeker bezoekt je pagina > een cookie wordt aangemaakt zodat hij als terugkerende bezoeker kan worden gezien wanneer hij je site opnieuw bezoekt, maar de bezoeker heeft ingesteld dat zijn cookies worden verwijderd wanneer hij zijn browser sluit, hij wordt de volgende keer dus weer als nieuwe bezoeker geteld).
Analyse op pagina
Via Analyse op pagina onder Inhoud kun je kijken waar je bezoekers op klikken. Je kunt kiezen uit (een combinatie van) 3 verschillende weergaven: percentages (ballonnen), kleur of browser (geeft aan waar de gebruikers naar kijken).
Let op, als je een combinatie gebruikt van een menu en andere knoppen op je pagina die naar dezelfde pagina leiden, dan krijg je hetzelfde percentage te zien bij zowel die betreffende pagina in het menu als bij de knop. Je kunt hier dus niet zien welke voorkeur de bezoeker heeft: het menu of de knop. Dit kan je wel zien door zelf een doel in te stellen (op bijvoorbeeld de knop). Doelen worden hieronder besproken.
Tijdens de training viel bij dit onderdeel op dat de bezoekers van onze bibliotheeksite absoluut niet scrollen op de homepagina! Iets om rekening mee te houden bij de opbouw van je homepagina.
Navigatie-overzicht
Wanneer je bij Alle pagina’s (Inhoud > Site-inhoud) op de tab Navigatie-overzicht klik krijg je via Vorig en Volgend paginapad te zien welke paden je bezoekers volgen.
Klik 1 betreffende pagina aan om te zien welke route je bezoekers volgen om tot deze pagina te komen. Deze route kun je ook helder krijgen via de optie Doeltrechter bij Doelen (zie hieronder).
Zoekopdrachten
Natuurlijk komen de meeste bezoekers op je site binnen via een zoekmachine. Het is dus interessant om te kijken bij welke zoekwoorden ze op je site komen.
Bij bron kun je zien welke zoekmachines je bezoekers daarbij gebruiken, wees natuurlijk niet verbaasd als er alleen Google staat.
Ook kan je zien hoe lang de bezoeker op je site blijft. Des te specifieker zijn zoekopdracht des te langer hij op de site blijft.
Bij Zoekopdrachten (Verkeersbronnen > Zoekmachineoptimalisatie) kun je per zoekwoord zien op welke positie je in de resultatenlijst van de zoekmachine staat.
Uitstappagina’s
De uitstappagina’s zijn de pagina’s waar de bezoekers je site verlaten. Je vindt deze statistieken onder Inhoud > Site-inhoud. Sommige pagina’s mogen wat betreft uitstappercentage wel hoog scoren. Op onze bibliotheeksite is het logischerwijs goed als de pagina met het databankenoverzicht hoog scoort, want meestal betekent dit dat je bezoeker op een databank klikt (hij surft dan naar de databank en verlaat de bibliotheeksite).
Wil je zeker weten of de bezoeker op een databank klikt, dan kun je die instellen als een doel (zie hieronder). Maar bij meer dan 90 databanken moet je natuurlijk de overweging maken of dit wel loont (zeker omdat je bij het gratis account maar een maximum van 20 doelen kunt instellen).
Ook het bouncepercatage per pagina is het bekijken waard (Inhoud > Site-inhoud > Alle pagina’s). Bouncepercentage is het percentage bezoeken van één pagina (dat wil zeggen, bezoeken waarbij de bezoeker je site alweer verlaat op de instappagina). Een hoog bouncepercentage is niet positief, maar ook dit kun je soms relativeren: de bezoeker komt door een specifieke zoekopdracht via de zoekmachine direct op je databankenoverzicht op je site uit en klikt dan op een databank. Dit levert een hoog bouncepercentage op maar is niet noodzakelijkerwijs slecht.
Doelen
Doelen (onder Conversies, het instellen ervan gebeurt via Beheerder > Profiel > tabblad Doelen) zijn een veelzijdige manier om te meten hoe goed je site aan specifieke doelstellingen voldoet. Er zijn 4 soorten doelen:
Zoals al eerder aangegeven kun je – als je werkt met een gratis account bij Google Analytics – een maximum van 20 doelen instellen (verdeeld over 4 segmenten, 5 doelen per segment).
Mobiel
Wil je weten met welke mobiele apparaten je bezoekers je site bezoeken, ga dan naar Apparaten onder Mobiel (Doelgroep).
Snelkoppelingen
Sommige rapporten gebruik je vaker dan andere rapporten. Bespaar jezelf dan veel geklik door gebruik te maken van snelkoppelingen. Het werkt heel eenvoudig. Boven elk rapport zie je een knop ‘Snelkoppeling’. Klik hierop en het rapport wordt toegevoegd aan de ‘Home’ sectie van je Google Analytics-account. De verwijzingen naar je rapporten vind je in het linker menu onder ‘Snelkoppelingen’. Ook aanpassingen in het rapport, zoals filters, weergaveopties en sorteringen worden meegenomen.
Snelkoppelingen is 1 van de tips uit het bericht ‘8 handige tips voor Google Analytics‘ op Frankwatching.
Een notitie maken op je tijdlijn
Er zijn externe activiteiten die je statistieken kunnen beïnvloeden, zoals de start van een campagne, het geven van een instructie, vakantieperioden. Deze activiteiten kun je zelf aangeven op je tijdlijn door het aanmaken van een notitie.
Zorg voor een zuivere sitemap
Kijk via Google (via site:url) of er geen pagina’s zijn die meerdere keren in de resultaten voorkomen (bijvoorbeeld door toevoeging van home). Van deze pagina krijg je dan 2x statistieken: 1x via http://www.mijnsite.nl en 1x via http://www.mijnsite.nl/home. Dit wil je natuurlijk vermijden.
Call to action
Laat (interne) hyperlinks op je site opvallen (via bijvoorbeeld opvallende layout: kleur, gebruik een knop of button, etc). Je ziet bijvoorbeeld in Google Analytics dat op de pagina digitale bibliotheek de pagina databanken het meest wordt aangeklikt, laat deze interne hyperlink dan het meest opvallen door hem bijvoorbeeld bovenaan in het opsommingslijstje te plaatsen. Ze noemen dit in vakjargon: een call to action!
Aan de slag
Jammer dat WordPress.com als enige blogplatform de boot afhoudt wat betreft Google Analytics, ik ben dus bij dit blog afhankelijk van hun eigen aangeleverde statistieken. Maar ik kan nu wel met Google Analytics aan de slag op mijn portfolio (Google Sites), ⓙⓤⓢⓣ 2b ⓘⓝⓕⓞⓡⓜⓔⓓ (Blogger) en My Glee Favorites (Tumblr).
Vroeg op op paaszaterdag om een ontbijtje te maken voor mijn vriendje, maar ‘in the name of love’ doe je alles :) en met een vrolijk liedje wordt het nog makkelijker.
Het is een mash-up van het lied Stop! In the Name of Love van The Supremes van hun album More Hits en het lied Free Your Mind van En Vogue van hun album Funky Divas. Gezongen door de jongens van New Directions in aflevering 6 van seizoen 2 om sorry te zeggen tegen coach Beiste.
Kylie Minoque is natuurlijk een bekende Australische actrice en zangeres. Alhoewel ik haar meest bekende songs wel ken van de radio, konden ze me nooit echt bekoren. iets te populair. In 2012 vierde Minoque haar 25 jaar als zangeres en bracht ze het album The Abbey Road Sessions uit. 15 van haar bekende songs opnieuw opgenomen in de befaamde studio’s met orkest. En ik moet bekennen, het is echt een mooi album geworden. Er staat ook 1 nieuw nummertje op: Flower. Minogue beschreef het nummer als “a love song to the child I may or may not ever have.” De bijbehorende videoclip werd door haarzelf geregisseerd.
“Sweet Transvestite” is een lied uit de uit 1973 Britse muzikale theaterproductie, The Rocky Horror Show en de uit 1975 film The Rocky Horror Picture Show. De productie is een humoristische ode aan de science fiction en horror B-films van de late jaren 1940 tot en met begin 1970. Het nummer mocht natuurlijk niet ontbreken in The Rocky Horror Glee Show, een eerbetoon aan de film. Geweldige uitvoering!
De Amerikaanse pianist Van Cliburn is op 78-jarige leeftijd overleden. Cliburn werd wereldberoemd toen hij op het hoogtepunt van de Koude Oorlog in 1958 het prestigieuze Tsjaikovski-concours in Moskou won.
Cliburn speelde in de finale Tsjaikovski’s Pianoconcert nr. 1 en Rachmaninov Piano Concerto nr. 3 - waarvan je hier het laatste stuk kunt zien - en kreeg een staande ovatie die acht minuten aan hield.
Cliburn deed als 23-jarige mee aan het concours, zes maanden nadat de Sovjetunie de satelliet Spoetnik had gelanceerd. De spanningen tussen de VS en de communistische staat waren daardoor hoog opgelopen.
De toenmalige leider van de Sovjetunie, Nikita Chroestjsjov, gaf persoonlijk toestemming voor de toekenning van de eerste prijs. Toen de jury van het concours hem vroeg of die naar een buitenlander mocht gaan, gaf Chroesjtsjov, naar verluidt, als antwoord: “Is hij de beste? Geef hem dan de eerste prijs”.
Hij wordt na het winnen van de wedstrijd in New York onthaald met een tour door de stad in een open auto.
http://nos.nl/artikel/478993-koude-oorlogpianist-cliburn-dood.html
Afgelopen weken weer genoten van The Voice Kids. Het tweede seizoen was leuker en met meer verrassend talent dat het eerste seizoen. De 14-jarige Laura pakte deze keer de winst. Echt een muzikale meid! Ze zong in de finale 2 geweldige songs: Hurt en Edge of Glory.
Verder heb ik genoten van de rustige Joep met zijn typische houding die een geweldig Viva la Vida bracht en de innemende Queen fan Jesse met Somebody to Love die bij de Blind Auditions grote ogen gooide met die andere Queen klassieker Bohemian Rhapsody.
Maar mijn favoriet was de 11 jarige Irene. Ze zong in de finale het prachtige What a Wonderful World en het swingende I Wanna Dance with Somebody. Ik was al fan van haar sinds de Blind Auditions met haar stoere uithalen tijdens I’ll Be There. Maar voor My Glee Favorites heb ik gekozen voor haar Battle song Borderline samen met Des’Ray en Lynn uit team Nick & Simon. 3 kleine Madonna’s! Schattig toch? Maar wat kunnen ze zingen!
[Klik op de afbeelding hier boven wanneer de video niet automatisch begint met afspelen.]
Wow, mijn laatste video hier dateert van 2 maanden geleden. In mijn favorieten heb ik ondertussen bijna honderd video’s opgeslagen om te posten. Maar lak aan discipline heeft me belet ze te posten. De hoogste tijd dus om die laksheid aan te pakken.
En dat doen we met het swingende ‘River Deep, Mountain High’ uit aflevering 4 van Seizoen 2 van Glee. Van deze aflevering komt ook het laatste Glee nummertje dat ik heb gepost. Het herkenningsnummer van de legendarische Tina Turner wordt in Glee vertolkt door Mercedes Jones (Amber Riley) en Santana Lopez (Naya Rivera).
I love you baby like a flower loves the spring!
Leona Philippo is de terechte winnaar geworden van The Voice of Holland editie 2012, als zij op het podium staat is het feest, maar ik denk niet dat ik een album van haar zal kopen. Ook niet van de op de tweede plaats geëindigde Johannes Rypma, al vond ik dat hij eindelijk zijn prima stemkwaliteiten ging benutten in het begin van het nummer Two Princes dat hij in de finale samen zong met Nick & Simon. Laat dat rauwe randje gewoon weg Johannes, het is echt niet nodig hoor.
De albums waar ik wel naar uitkijk, zijn die van Ivar Oosterloo - waaw, wat een kippenvelmoment wanneer hij solo ‘En zij, opent een wereld voor mij…’ zingt in het nummer Zij samen met Marco Borsato - en Floortje Smit - ik vond haar wat minder in de finale maar ze heeft een geweldige stem en mijn favoriete nummer van haar is She Wolf.
Maar mijn absolute favoriet van deze editie van TVOH is natuurlijk …
:)
en het zal me niet verbazen als er toch nog een duet met Marco komt, maar wel in het Engels blijven zingen hoor Barbara en wie weet pak je dan toch ook nog die titelsong van de volgende Bond-film!
Het iTunes Festival is een jaarlijks muziekfestival en concertseries die in Londen in ‘The Roundhouse’ kunstcentrum worden gehouden. Sponsor Apple Inc. streamt de concerten live op iTunes zodat mensen er thuis ook van kunnen genieten. Dit jaar waren er heel wat artiesten en bands van mijn smaak bij: Ed Sheeran, Elbow, Andrea Bocelli en favoriet Norah Jones. Zij bracht weer een heel genotvol concert. Het was moeilijk kiezen maar als My Glee Favorite kan je hier het nummer Cold, Cold Heart horen van Hank Williams met een prachtig instrumentenspel. Opvolgend brengen Norah en haar band 2 mooie vertolkingen van Carnival Town en Don’t Know Why.
In Duets - aflevering 4 van Seizoen 2 van Glee - zingt Kurt Hummel Le Jazz Hot, van mijn absoluut ‘favorite 1 musical’ Victor/Victoria! Normaal kan niemand tippen aan Julie Andrews, maar ‘Kurt Rocks’ in zijn versie van dit ritmisch nummer waar ik altijd vrolijk van word!
Zondag 26 augustus vond de AVRO Musical Sing-a-Long 2012 plaats als afsluiting van de Uitmarkt in Amsterdam. Dit spektakel werd gepresenteerd door het duo Frits Sissing en Kim-Lian van der Meij.
Onder begeleiding van het Metropole Orkest traden tal van musicalartiesten op. Zij brachten nummers ten gehore uit musicals die in het theaterseizoen 2012/2013 te zien zijn, zoals Annie.
Wie kent dit lieve weeskindje die het hart van een norse miljonair steelt nou niet?
Kinderen uit de musical Annie zingen samen met Tony Neef de nummers Zwaar Bestaan en Morgen.
Annie de musical is terug in een geheel nieuwe versie, en zal reizen door heel Nederland.
Dat Puck geen lieverdje is bewijst hij regelmatig in Glee. Zo zingt hij een liedje over het overhalen van een katholiek meisje tot het hebben van sex als respons op de opdracht om spirituele liedjes te zingen. Zijn redenering: de oorspronkelijke zanger is Joods, net als hij. En hij komt er mee weg ook, maar dat is alleen omdat ie zo lekker kan zingen :) !
Als er iemand een uniek stemgeluid heeft, dan is het Ilse DeLange wel. Daarom luister ik al jaren graag naar haar albums. In september is haar 7de studioalbum Eye of the Hurricane uitgekomen, waaruit dit prachtige nummer I need for you komt, waarbij door de rustige beat Ilse’s prachtige sound helemaal tot zijn recht komt!
En Sam bewijst meteen dat hij kan zingen en een plekje bij My Directions verdiend! Al gooit football nog wel even roet in het eten als we zullen zien in de volgende afleveringen van seizoen 2. Maar zingen kan ie wel!
Oorspronkelijk wordt het liedje Billionaire gezongen door Travie McCoy & Bruno Mars.
Vorige week was de finale van Beat the Best. Ik had er al eerder over geblogd.
Martin en Marielle wisten met een indrukwekkende eindscore alle andere finalisten te verslaan. Het duo kreeg van de onafhankelijke publieksjury een 9,1 en scoorde daarmee 0,1 punt hoger dan de dames van Delilah en 0,3 punt hoger dan de luchtacrobaat Jean Passos.
Wat mij betreft zijn Martin en Marielle inderdaad de terechte winnaars van Beat the Best. Ze voeren hun exhibition dans uit in verschillende musicals. Zo speelden ze in Saturday Night Fever en zijn ze momenteel te zien in de theatervoorstelling Yab Yum Het Circus van de Nacht. Maar voor de rest ziet mijn top 3 er wel anders uit dan hierboven. Elena Gibson, die voor Delilah op de hotseat zat, staat bij mij op 2 met haar prachtige paaldansact op het nummer Roxanne van Sting! En voor haar zat de groep Compagnie Newa, die een wildcard voor de finale kregen van Chantal Janzen, op de hotseat en zij vervolledigen met hun spectaculaire act mijn top 3 van Beat the Best!
In Empire State of Mind, een lekker rap combi soulnummer van Jay-Z ft. Alicia Keys, uit de eerste aflevering van het tweede seizoen van Glee, maken we kennis met 2 nieuwe personages: Sam en Sunshine. New York, Here We Come!
Sinds een maand zend de Belgische klassieke radiozender Klara op zondagavond tussen 18u en 20u het programma The Original Soundtrack uit.
De drie cinefielen Bart De Pauw (televisiemaker), Claude Blondeel (radiocoryfee) en Patrick Duynslaegher (artistiek directeur van het Filmfestival Gent) grasduinen in hun platenkast en presenteren elkaar en de luisteraar hun favoriete soundtracks : het beste van de grote filmcomponisten als Bernard Herrmann, Nino Rota, Ennio Morricone , John Williams, Danny Elfman, Georges Delerue, Alexandre Desplat… maar ook obscure parels van scores en componisten die reeds lang uit het collectief geheugen verdwenen zijn.
Uit de uitzending van 23 september komt deze klassieker uit 1952: Singin’ in the Rain van Gene Kelly. In de 7de aflevering van het tweede seizoen van Glee voeren de New Directions een compilatie uit waarbij dit lied wordt gecombineerd met Umbrella van Rihanna ft. Jay-Z.
The Original Soundtrack is een ‘must hear’ voor elke filmliefhebber. Helaas is er geen podcast van, maar daar is wel een oplossing voor te vinden.
Vanavond is de finale van Beat the Best gewonnen door het fantastische dansduo Martin en Mariëlle. Daarom in My Glee Favorites deze dansclip uit Glee waarin de danskoning van de New Directions Mike het beste geeft van zichzelf op het liedje Bubble Toes van Jack Johnson. Geweldige moves én act!!! Of Martin en Mariëlle ook op 1 staan in mijn top 3 van Beat the Best ontdek je binnenkort op My Glee Favorites…
Over the Rainbow is een liedje waar ik altijd voor in de stemming ben!
Het is het laatste liedje dat uitgevoerd wordt in seizoen 1 van Glee, waarin Will de studenten bedankt en het nieuws dat de New Directions weer een jaar verder kunnen (gelukkig maar ;-) ) wordt gevierd.
Het nummer is oorspronkelijk van Judy Garland uit de film The Wizard of Oz, maar de uitvoering van Israel Kamakawiwoʻole is natuurlijk ook zeer bekend!
Zoals beloofd, een ode aan Jeroen zijn schoenen!
Wie de kleuren groen - geel - rood ziet, denkt aan Reggae. Alhoewel de kleuren eigenlijk afkomstig zijn van het rastageloof: De rastakleuren zijn groen (vruchtbaarheid), goud/geel (rijkdom), rood (het bloedvergieten tijdens de slavernij), naar de kleuren van de Ethiopische vlag en zwart (als de huid van het Afrikaanse volk). Maar de religieuze en culturele stroming rastafari is dus nauw verbonden met Reggae.
Wie aan Reggae denkt, denkt aan … natuurlijk … Bob Marley!
En, het zijn der schone hoor Jeroen ;)
Vakblad voor informatiewerkers. Uitgave van Otto Cramwinckel Uitgever. www.informatieprofessional.nl
What's taken them this long? Facebook is finally getting into search seriously. Business week has a useful overview of the story in case you'd like to take a look.
So what does this all mean for the information professionals? Quite simply - a huge amount. In order to help people, and to advise them, we need to be where they are. That's less and less in the physical library - it's not even on the website now, it's going to be in Facebook. Like it or not, you will *have* to have a Facebook account and profile, so that your users can find you and link to you. Then you can start 'liking' pages, creating resources within Facebook, engaging in conversations and so on. It also means that the days of blocking Facebook are (probably) numbered, as it's going to be impossible to use the internet properly without it. I say (probably) since there are still enough stupid places that block access to the second largest search engine in the world - YouTube - because they don't understand it.
If you don't have a Facebook account - get one. If you do, consider creating a professional account as well, and think how you're going to work with colleagues and other professionals, and how that's going to differ from your friendship groups. While you're at it, tell your company that they'd better start paying a lot of attention to Facebook in the future.
Today, I am once again skimming through R. David Lankes’ amazing book The Atlas of New Librarianship. I am looking over page 67 at the idea of librarians as “Publisher of Community.” This may be the closest definition to what I have in mind.
“I foresee the day in the near future when librarians spend the majority of their time working with community members and community organizations making their content accessible: where acquisitions is a matter of production, not purchasing. The future of libraries (and librarians) is in becoming publishers of the community.”
I want to find someone who can:
Capture content
Think like an activist
Act with the sensibility of a journalist
Help instill meta-literacy skills in our information literacy program
Work with students and faculty within and outside of the classroom
I am not sure about a job title: Community Publishing Librarian, Meta-Literacy Librarian, Digital Content Librarian,???
Digital literacy is: "the ability to use information and communication technologies to find, evaluate, create, and communicate information requiring both cognitive and technical skills."
Social media hebben veel veranderingen in gang gezet de afgelopen jaren; van de manier waarop wij communiceren, onze mening ventileren tot aan hoe wij informatie tot ons nemen.
Enkele tips voor visual storytelling
Presenteer zelf je content op een creatieve en authentieke manier. Een paar tips om je op weg te helpen:
Kies een betekenisvol onderwerp/thema
Als je een verhaal wilt vertellen, kies dan een onderwerp waar niemand nog vanaf weet of wat niemand heeft opgemerkt. Een onderwerp waar je enthousiast over bent en dat het waard is om over te communiceren.Wees authentiek en persoonlijk
Vertel jouw verhaal op een authentieke en echte manier. Vertel dan ook insights over jou of jouw bedrijf die niemand weet. Hoe echter en eerlijker, hoe meer jouw verhaal resoneert met anderen. De boodschap komt beter over en men is eerder geneigd naar je te luisteren.Minimalistisch en to the point
Je kunt meer bewerkstelligen met duidelijke en heldere taal. Of zoals Steve Jobs zegt: “Focus and simplicity. Simple can be harder than complex: You have to work hard to get your thinking clean to make it simple. But it’s worth it in the end because once you get there, you can move mountains.”En het belangrijkste element: beeldmateriaal
Sterk en sprekend beeldmateriaal heeft een enorme aantrekkingskracht. Dat wat je wilt vertellen of duidelijk wilt maken, komt met goede foto’s tot leven. De kracht van beeld ligt in het feit dat je het publiek mee kunt nemen in jouw wereld en beleving. Zorg daarom dan ook dat je elk verhaal vergezeld laat gaan van (minimaal) een foto